“Mama tekent mooier dan ik…”  hoe haal je kinderen uit het oordeel over hun tekening?

Tips voor ouders om kinderen uit het oordeel over hun tekening te halen. Over vergelijken, zelfvertrouwen, creativiteit en tekenen als taal.

“Mama tekent mooier dan ik…”  hoe haal je kinderen uit het oordeel over hun tekening?

Tijdens een workshop vertelde een moeder iets wat me meteen raakte. Ze tekent vaak samen met haar dochter. Een fijn moment, rustig naast elkaar aan tafel. Maar haar dochter zegt bijna altijd hetzelfde: “Mama, jouw tekening is veel mooier dan die van mij.”

De moeder keek me aan en vroeg: wat kan ik hieraan doen? Hoe help ik mijn kind om niet steeds te vergelijken?

Het is zo’n herkenbare situatie. Want op het moment dat een kind zichzelf langs de meetlat van een ander legt, verschuift er iets. Tekenen wordt minder vrij. Minder spelen. Meer presteren. En precies daar verdwijnt vaak het plezier.

Kinderen kijken scherp. Ze zien dat een ouder sneller tekent, meer details maakt, andere kleuren kiest. Zeker vanaf de basisschoolleeftijd ontstaat dat besef: wat kan ik al… en wat kan een ander? Als er dan steeds woorden vallen als mooi, beter of niet zo goed, sluipt het oordeel langzaam binnen. Niet omdat iemand dat zo bedoelt, maar omdat vergelijken nu eenmaal vanzelf gaat.

Mijn eerste tip aan deze moeder was eenvoudig, maar krachtig: spreek samen af dat jullie het niet meer over mooi of minder mooi hebben. Niet het resultaat staat centraal, maar het verhaal. Wat gebeurt er in de tekening? Waar had je plezier in tijdens het tekenen? Wat vond je lastig? Wat verraste je? Door zulke vragen te stellen, verschuift de aandacht vanzelf van beoordelen naar ontdekken.

Voor leerkrachten is dit een herkenbaar moment. Je wilt kinderen stimuleren, maar met de beste bedoelingen kan een compliment over het eindresultaat soms juist extra druk geven. Door in de klas dezelfde verschuiving te maken van product naar proces ontstaat er rust. Tekenen wordt weer iets van henzelf, in plaats van iets dat moet voldoen.

Ik nodig ouders ook vaak uit om iets over hun eigen proces te delen. Zeg bijvoorbeeld dat je even twijfelde over welke kleur je zou pakken, of dat je niet precies wist hoe iets moest en gewoon bent gaan proberen. Daarmee geef je een kind iets heel waardevols mee: zoeken mag. Fouten horen erbij. Het hoeft niet in één keer goed.

Na het tekenen kan het mooi zijn om elkaar te laten vertellen wat er op het papier is ontstaan. Wie wonen er in die tekening? Wat speelt zich daar af? Hoe voelt die plek? Vaak blijkt dat het verhaal achter het beeld veel rijker is dan wat je in eerste instantie ziet. En juist dát verhaal verdient aandacht.

Soms komt het vergelijken toch weer even omhoog. Een kind dat zachtjes zegt: “Die van jou is mooier.” In plaats van dat te corrigeren, kun je zo’n moment liefdevol ombuigen. Bijvoorbeeld door te antwoorden dat je eigenlijk heel benieuwd bent naar haar tekening en wat zij ermee wilde vertellen. Daarmee haal je de druk eraf, zonder er een strijd van te maken.

Wat je kinderen hiermee leert, reikt veel verder dan tekenen alleen. Ze ontdekken dat ze mogen onderzoeken, dat hun manier ertoe doet, dat niet alles perfect hoeft te zijn en dat creativiteit geen wedstrijd is. Dat tekenen een taal is een manier om iets van jezelf te laten zien zonder woorden.

In mijn werk bij De Koppoter kijk ik dagelijks met ouders en professionals naar tekeningen. Niet om ze te beoordelen, maar om ze te begrijpen.

De sleutel tot een kind schuilt in zijn tekening.

Niet in hoe netjes hij is.
Niet in hoe realistisch.
Maar in wat hij vertelt.

Herken je dit bij jouw kind of in de klas? Wordt er veel vergeleken of hoor je zinnen als: “Ik kan dit niet” of “Die van jou is mooier”?

Je bent van harte welkom om hierover mee te denken. Op www.dekoppoter.com vind je mijn aanbod en manieren om samen te kijken naar de kracht én de behoefte achter een tekening.


Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *