Systemisch kijken naar kinderen via de gezinstekening
Wanneer een kind ’s ochtends de klas binnenstapt, komt het nooit alleen.
Het brengt zijn hele systeem met zich mee. Ouders, broers, zussen, nieuwe partners, opa’s, oma’s, herinneringen, loyaliteiten, verdriet, liefde en verwachtingen,alles reist onzichtbaar mee in de schooltas.
In de klas ontmoeten al deze systemen elkaar.
Een groep van dertig kinderen betekent dus eigenlijk dat er dertig gezinnen aanwezig zijn.
Als leerkracht kun je daar bewust ruimte voor maken.
Een eenvoudige, maar krachtige manier om dit te doen is door de gezinstekening. Niet als analyse-instrument, maar als erkenning van het systeem waar het kind bij hoort.
Systemisch werken in de klas
In systemisch werk gaan we ervan uit dat ieder mens deel uitmaakt van een groter geheel. Voor een kind is dat allereerst het gezin. Dat systeem vormt de basis van veiligheid, identiteit en loyaliteit. Wanneer een kind voelt dat zijn gezin er ook op school mag zijn, ontstaat er rust. Het kind hoeft niets te verbergen.
Het hoeft geen delen van zichzelf achter te laten bij de schooldeur.
Door het gezin een plek te geven in de klas, zeg je als leerkracht eigenlijk: “Ik zie waar jij vandaan komt. En dat hoort er helemaal bij.” Dat geeft kinderen een diep gevoel van erkenning.
De gezinstekening aan het begin van het schooljaar
Een mooie manier om het jaar te beginnen is door elk kind een gezinstekening te laten maken. Niet ingewikkeld. Gewoon: “Teken eens wie er bij jouw gezin horen.” Laat kinderen vrij in hun keuze. Sommigen tekenen alleen ouders en broers of zussen. Anderen voegen een huisdier, opa, bonusouder of zelfs een overleden familielid toe. Alles mag.
Met deze opdracht laat je zien:
- Het gezin hoort erbij.
- Je achtergrond doet ertoe.
- Je staat niet alleen in deze klas.
De gezinstekening blijft het hele jaar zichtbaar
Hang de gezinstekeningen vervolgens zichtbaar in de klas. Niet een paar weken. Maar het hele schooljaar. Daarmee geef je een belangrijke boodschap: “Je gezin blijft altijd jouw basis.”
Wanneer een kind verhuist naar een andere klas of school, kan het zijn tekening meenemen. Zo reist het systeem symbolisch mee.
Verandering mag
Gezinnen veranderen soms. Er kan een broertje geboren worden. Een nieuwe partner komt in het gezin. Ouders gaan uit elkaar. Laat kinderen daarom altijd de mogelijkheid houden hun tekening aan te passen.
Een kind mag:
- iets toevoegen
- iets veranderen
- een nieuwe tekening maken
Voor kinderen die in twee gezinnen leven, kan het helpend zijn om twee gezinstekeningen te maken. Daarmee erken je beide systemen. Dat geeft vaak rust.
Blijf onbevooroordeeld kijken
Een gezinstekening kan veel laten zien, maar één ding is belangrijk: Interpretaties kunnen een kind beschadigen. Een tekening is geen diagnose. Het is een momentopname. Een uitdrukking van hoe een kind zijn wereld beleeft.
Daarom is het belangrijk om:
- nieuwsgierig te blijven
- niet te snel te verklaren
- het kind zelf te laten vertellen
Vaak is een eenvoudige vraag voldoende: “Wil je iets vertellen over je tekening?” En soms zegt een kind niets. Ook dat is goed.
Het schooljaar afronden
Aan het einde van het schooljaar gebeurt er nog iets belangrijks. De band tussen jou en het kind verandert. Je hebt samen een jaar opgelopen, maar daarna gaat het kind verder. Met een nieuwe leerkracht, nieuwe ervaringen en nieuwe stappen. Het kan mooi zijn om bij het afscheid even stil te staan bij de tekening: “Dit was ons jaar samen. Jij gaat nu verder.” Zo sluit je de verbinding op een respectvolle manier af.
De menstekening en de ordening van de klas
Naast de gezinstekening kan ook de menstekening een interessante plek krijgen in de klas. Bijvoorbeeld wanneer je een zelfportret van ieder kind ophangt. Een kleine systemische tip kan daarbij verrassend veel rust geven:
Hang de portretten op geboortedatum en niet op verjaardagsdatum. Dus van oudste naar jongste. Daarmee ontstaat een natuurlijke ordening. De plek in de tijd wordt zichtbaar. In systemisch werk speelt volgorde namelijk een belangrijke rol. Wanneer deze klopt, voelen systemen vaak rustiger en duidelijker. Laat deze portretten het hele schooljaar hangen. Niet verwijderen na een verjaardag. Pas wanneer een kind verhuist of naar een andere klas gaat, mag het zijn portret meenemen.
De klas als verzameling families
Wanneer je zo kijkt, wordt de klas iets bijzonders. Niet alleen een groep leerlingen. Maar een verzameling families. Dertig gezinnen die elkaar ontmoeten. Dertig verhalen die naast elkaar bestaan. Als leerkracht ben jij degene die tijdelijk ruimte biedt aan al die systemen. En soms begint dat gewoon met een vel papier, een paar potloden en één simpele vraag:
“Teken eens wie er bij jouw gezin horen.”